30 juni 2026

In de afgelopen maand is er weer een aantal interessante artikelen verschenen in het European Journal of Psychotraumatology.

Een multiple-baseline studie onder zeven volwassenen met een ernstige verstandelijke beperking en PTSS onderzocht de effectiviteit van de EMDR-storytellingmethode. Daarbij werden veranderingen in PTSS-symptomen, disfunctioneel gedrag (traumagerelateerd gedrag dat na een traumatische gebeurtenis is ontstaan of is verergerd) en gedragsproblemen geëvalueerd. De resultaten lieten zien dat PTSS-symptomen en disfunctioneel gedrag op groepsniveau significant afnamen, zowel direct na de behandeling als bij de follow-up drie maanden later. Op individueel niveau werd bij de meeste deelnemers een afname van PTSS-symptomen gevonden, terwijl de effecten op disfunctioneel gedrag wisselend waren. Voor gedragsproblemen werden op groepsniveau geen significante veranderingen gevonden, hoewel de resultaten op individueel niveau verschilden tussen de verschillende gedragsdomeinen (zelfbeschadigend, stereotiep en agressief gedrag). Daarnaast werd geen van de behandelingen werd voortijdig beëindigd en traden er geen ongewenste voorvallen op. Deze bevindingen bieden voorlopige ondersteuning voor de veiligheid, toepasbaarheid en potentiële effectiviteit van de EMDR-storytellingmethode bij volwassenen met een ernstige verstandelijke beperking en PTSS. Replicatie in grotere, gecontroleerde studies is nodig om de gevonden effecten te bevestigen en de effectiviteit van de EMDR-storytellingmethode bij deze doelgroep verder te onderbouwen.

Hoogstad, A., Bouwmeester, S., Mevissen, L., & Didden, R. (2026). The efficacy of EMDR therapy in adults with a severe intellectual disability and posttraumatic stress disorder. European Journal of Psychotraumatology17(1). https://doi.org/10.1080/20008066.2026.2673670

Een internationale Delphi-studie onderzocht welke aanpassingen nodig zijn om traumagerichte EMDR beter toepasbaar en effectief te maken voor mensen met een bipolaire stoornis. Hiervoor werden drie vragenrondes gehouden onder EMDR-behandelaren (34 in ronde 1, 22 in ronde 2 en 20 in ronde 3). De resultaten lieten zien dat verschillende belemmeringen een rol kunnen spelen bij de toepassing van EMDR, waaronder cliëntgerelateerde factoren (zoals stemmingswisselingen), veiligheidsrisico's (zoals risico op het uitlokken van stemmingsschommelingen) en een gebrek aan richtlijnen. Behandelaren bereikten consensus over 71 aanpassingen voor de uitvoering van EMDR (zoals stemmingsmonitoring en het versterken van copingvaardigheden) en fase-specifieke aanpassingen, met name in de voorbereidende, assessment- en desensitisatiefase. Ook werden aanbevelingen gedaan voor supervisie, waarbij het belang van ondersteuning bij klinische besluitvorming werd benadrukt. De bevindingen suggereren dat EMDR bij mensen met een bipolaire stoornis volgens het standaard achtfasenprotocol kan worden uitgevoerd, waarbij gebruik wordt gemaakt van fase-specifieke, op de casus afgestemde aanpassingen. De bevindingen bieden praktische handvatten voor clinici en onderstrepen het belang van verdere scholing en onderzoek naar traumabehandeling bij mensen met een bipolaire stoornis.

Nicholls, L., Richardson, T., Spain, D., & Wright, K. (2026). How is EMDR best conducted and adapted for trauma-focused work within bipolar disorder? A Delphi study. European Journal of Psychotraumatology17(1). https://doi.org/10.1080/20008066.2026.2679415

Een klinische studie onder 133 volwassenen met PTSS onderzocht hoe de therapeutische alliantie zich ontwikkelt tijdens een intensieve traumabehandeling met een therapeutenrotatiemodel, en hoe deze samenhangt met veranderingen in PTSS-symptomen. Een vierdaagse behandeling combineerde prolonged exposure en EMDR-therapie, uitgevoerd door wisselende therapeuten. De resultaten lieten zien dat de therapeutische alliantie in de eerste behandelfase significant toenam en vervolgens stabiel bleef. Een hogere ernst van PTSS-symptomen voorspelde een zwakkere daaropvolgende therapeutische alliantie, terwijl een sterkere therapeutische alliantie een grotere afname van PTSS-symptomen voorspelde. Exploratieve analyses lieten zien dat de ernst van PTSS bij aanvang, seksueel misbruik in de kindertijd, paranoïde klachten, hechtingsstijl en autistische kenmerken geen verband hielden met de ontwikkeling van de therapeutische alliantie. Wel gingen onopgeloste breuken in de therapeutische relatie na afloop van de behandeling samen met een zwakkere therapeutische alliantie en meer PTSS-symptomen. De bevindingen onderstrepen dat ook binnen een therapeutenrotatiemodel een goede therapeutische alliantie kan worden opgebouwd. Daarnaast suggereren de resultaten een samenhang tussen de therapeutische alliantie en veranderingen in PTSS-symptomen. Vervolgonderzoek met gecontroleerde studies is nodig om de specifieke rol van therapeutenrotatie in de ontwikkeling van de therapeutische alliantie en de behandeluitkomsten verder te verduidelijken.

Hoogeveen, M., De Jongh, A., Matthijssen, S. J. M. A., & Voorendonk, E. M. (2026). Therapeutic alliance in intensive PTSD treatment with a therapist rotation model. European Journal of Psychotraumatology17(1). https://doi.org/10.1080/20008066.2026.2664272

Meer European Journal of Psychotraumatology

Alle European Journal of Psychotraumatology
Het European Journal of Psychotraumatology (EJPT) is een peer-reviewed, interdisciplinair wetenschappelijk tijdschrift dat deel uitmaakt van de European Society for Traumatic Stress Studies (ESTSS).    Het EJPT heeft als doel om wetenschappers, behandelaren en experts te betrekken bij de belangrijkste vraagstukken rond stress en trauma, waaronder individuele gebeurtenissen, herhaalde of chronische trauma's, grootschalige rampen en geweld.